IMG_5708

Blog Aarnoud Overkamp: Nu even persoonlijk

Soms word je ineens met je neus op de feiten gedrukt. Dat overkwam mij eind april, toen ik een werksessie over personalised medicine voorzat. Ondanks het vele werk dat door de werkgroepleden al was verricht, dacht ik vooral: ‘Wat is er nog veel te doen!’

9 mei 2018

De Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen ontwikkelt momenteel een visie en werkagenda voor personalised medicine. Samen met onze leden stellen we ten eerste vast waar de kansen liggen, en ten tweede tot welke concrete werkagenda dat moet leiden.

Tijdens de werksessie in Den Haag wisselden diverse leden, specialisten en consultants hierover intensief van gedachten. Over dat eerste punt kan ik kort zijn: de kansen zijn enorm. Behandeling op maat, nu nog een uitzondering, kan over pakweg tien jaar gemeengoed zijn. Als je vooraf kunt vaststellen, bijvoorbeeld aan de hand van biomarkers, of een geneesmiddel bij een specifieke patiënt effectief is, kunnen we veel meer patiënten met succes behandelen. Uiteindelijk wordt farmaceutische zorg daardoor ook goedkoper, hoewel maatwerk natuurlijk ook kosten met zich meebrengt. Denk aan de ontwikkeling van centrale registries per ziektebeeld en zeer gerichte diagnostische tests.

Tot zo ver het makkelijke deel, want over de individuele en maatschappelijke voordelen van maatwerk waren we het snel eens in de werksessie. Lastiger is het om te komen tot een concrete werkagenda, om al die kansen te benutten. ‘De huidige modellen voor toelating en bekostiging van een nieuw geneesmiddel moeten anders’, stelden de meeste aanwezigen vast. Die modellen zijn te veel gebaseerd op het principe one size fits all, en dat is nou precies niet het idee achter maatwerk. De komende jaren worden er steeds meer innovatieve geneesmiddelen voor kleine patiëntgroepen aangemeld bij de EMA en het Zorginstituut. Dat vraagt om een andere aanpak van die instituten. Maar ook van ons, de geneesmiddelensector.

Zo zijn er meer knelpunten. Maatwerk in geneesmiddelenontwikkeling vraagt om een betere registratie van patiënt- en behandeldata, terwijl de zorg soms al zucht onder administratieve lasten. Daar moeten we dus samen iets slims op verzinnen, rekening houdend met privacywetgeving, want op termijn zijn de baten groter dan de kosten. Verder zijn er aanpassingen in behandelrichtlijnen nodig, om maar iets te noemen.

We concludeerden dat er al veel goede initiatieven zijn om behandeling op maat in een versnelling te brengen, denk aan de Kennisagenda Personalised Medicine van de Nationale Wetenschapsagenda, maar dat we nog niet kunnen spreken van een brede coalitie. En die is wel nodig voor de veranderingen. Allereerst is er meer urgentiebesef nodig bij de politiek, de EMA, artsen en bij onszelf, de geneesmiddelensector. Hopelijk draagt mijn blog daar een steentje aan bij. We presenteren onze visie nog vóór de zomer, is het plan.

Aarnoud Overkamp, vicevoorzitter Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen ‘Medicijnen op maat’ (praktijkvoorbeelden)