Nieuwspoort klinisch onderzoek 190619┬®AnnelienNijland7540Foto Annelien Nijland

Klinisch onderzoek in Nederland: kansen en uitdagingen

24 jun 2019

Hoe wordt Nederland Europees koploper op het gebied van klinisch onderzoek? Deze vraag stond op 19 juni centraal op een bijeenkomst van de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen in Nieuwspoort. Stakeholders en Kamerleden gingen hierover met elkaar in debat.

Een sterk klinisch onderzoeksklimaat geeft sneller toegang tot innovatieve behandelingen voor Nederlandse patiënten. Bovendien versterkt goed klinisch onderzoek ook het vestigingsklimaat. Ons land heeft de potentie om op het gebied van klinisch onderzoek tot de top van Europa te behoren. Maar wat is daarvoor nodig? Tijdens de bijeenkomst gingen een aantal sprekers vanuit verschillende disciplines dieper in op deze vraag.

Opstarten onderzoek sneller
Carla van Herpen, hoogleraar Rare Cancers bij het Radboud UMC, gaf aan dat Nederland vaker vooraan moet staan bij de start van nieuwe onderzoeken. Door bureaucratische procedures en wetgeving rondom het opstellen van contracten, duurt het in Nederland vaak langer voordat er met klinisch onderzoek gestart kan worden dan in de ons omringende landen, zoals België. Van Herpen: ‘We moeten echt sneller worden dan de rest van Europa. Zodat farmaceuten Nederland interessanter vinden dan andere landen.’

De 4 k’s
Paul Korte, directeur Corporate Affairs bij Janssen, stelde in zijn verhaal dat er voor goed klinisch onderzoek vier randvoorwaarden gelden, de zogenaamde vier k’s: kosten, kwaliteit, klok en klimaat. Wanneer een geneesmiddelenbedrijf bepaalt in welk land het klinisch onderzoek gaat doen, is het van belang dat het kostentechnisch voordelig is, dat de kwaliteit van het wetenschappelijk onderzoek in het land excellent is en dat het onderzoek snel kan starten. Maar ook kijkt het bedrijf naar het klimaat in het land ten opzichte van de geneesmiddelensector. Paul Korte: 'De samenwerking in Nederland is uniek, maar we hebben ook een overheid nodig met daadkracht, die niet met twee monden praat en het belang inziet van het registreren van medicijnen.'

Wetgeving rond gentherapieën
Joep Rijnierse van Amgen sneed in zijn verhaal een ander belangrijk punt aan: door de huidige wetgeving is het starten van onderzoek naar nieuwe gentherapieën in Nederland vaak lastig omdat de Europese wetgeving rond dit soort geneesmiddelen strenger wordt geïnterpreteerd dan in andere landen. Daardoor kan het anderhalf jaar duren voordat er toestemming wordt gegeven om een onderzoek te starten. Rijnierse geeft aan wat dit kan betekenen voor de keuzes die geneesmiddelenbedrijven maken: 'In Nederland moeten we nieuwe gentherapieën voorleggen aan een genloket vanwege milieuwetgeving. Ons hoofdkantoor heeft toen besloten het eerste-faseonderzoek in Engeland te laten doen. Dit moet anders.'

Patiënt spil bij onderzoek
Rian Visser van patiëntenvereniging Hematon benadrukte de rol van de patiënt bij klinisch onderzoek: ‘De patiënt is de spil van alles.’ Volgens Visser is er op dit gebied een wereld te winnen door patiënten meer te betrekken bij onderzoeksvoorstellen, hen duidelijker en begrijpelijker te informeren over de klinische studie en hen beter te begeleiden in de fase na het onderzoek.

Knelpunten wegnemen
Na de sprekers vond er een paneldiscussie plaats tussen Joba van den Berg (CDA), Arno Rutte (VVD), Henk Kamsteeg (voorzitter DCRF) en Bart Scheerder (voorzitter ACRON) over een aantal stellingen. Op de vraag of Nederland Europees koploper kan worden op het gebied van klinisch onderzoek, waren de panelleden positief. Maar hiervoor moeten wel duidelijk de stroperige procedures rondom klinisch onderzoeken verbeterd worden. Aan het einde riep Gerard Schouw daarom alle aanwezige partijen op om voor het einde van het jaar met een concrete agenda te komen die de knelpunten rondom het opstarten van klinisch onderzoek wegneemt. De Dutch Clinical Research Foundation (DCRF) kan daarbij een sleutelrol spelen en alle andere partijen zijn uitgenodigd om hieraan bij te dragen.

Folder ‘Hoe wordt Nederland koploper op het gebied van klinisch onderzoek?’