joba klein

Joba van den Berg: ‘Snellere procedures nodig voor klinisch onderzoek gentherapie’

‘Corona heeft benadrukt dat de regelgeving voor klinisch medicijnonderzoek voor vaccins en gentherapie in Nederland niet optimaal is', zegt Joba van den Berg, Tweede Kamerlid voor het CDA.

30 sep 2020

‘Vergeleken met onze buurlanden leggen wij de Europese regelgeving voor klinisch onderzoek voor gentherapie streng uit, vooral als er sprake is van vermeende milieurisico’s’, zegt Van den Berg. ‘Daarvoor heb ik in december 2018 al aandacht gevraagd in de Kamer. Je ziet dat een geneesmiddelenbedrijf als het in Leiden gevestigde Janssen klinisch medicijnonderzoek grotendeels in andere landen uitvoert. Dat moeten we niet willen. Gelukkig heeft Nederland dit voorjaar de vergunningsprocedures voor klinisch onderzoek naar vaccins en gentherapie strak getrokken, zodat dit nu veel sneller gaat.’

Zwakste schakel

‘De coronacrisis heeft ons ook laten zien hoe belangrijk het is om zelfvoorzienend te zijn’, vervolgt Van den Berg. ‘Daar hebben we als CDA al in januari 2019 aandacht voor gevraagd. Dan denk ik niet alleen aan de productie van medicijnen, maar ook aan mondkapjes en allerlei andere medische hulpmiddelen. Ik hoorde bijvoorbeeld dat de mondstukjes die de ziekenhuizen nodig hebben voor beademing van patiënten bij één fabriek in het Verre Oosten worden gemaakt. Dat is natuurlijk heel kwetsbaar, want de ketting is zo sterk als de zwakste schakel.’

Drempelverlagend

Wat zou de overheid aan die kwetsbaarheid kunnen doen? ‘Soms helpt het om wet- en regelgeving te vereenvoudigen’, zegt Van den Berg, ‘maar een ander idee is om de overheid als launching customer te positioneren. Dat het kabinet bijvoorbeeld zegt: Wij nemen in ieder geval de eerste 100.000 producten af, dan is het voor het bedrijf de moeite om te investeren. Dat werkt drempelverlagend voor Nederlandse bedrijven die dergelijke producten zelf willen gaan maken.’

Nood aan de man

Onlangs bracht het CDA-Kamerlid een werkbezoek aan de Nederlandse ziekenhuisapothekers, bij het UMC Utrecht. ‘Daar zag ik met eigen ogen dat er in ons land absoluut nog kennis en kunde is om - als de nood aan de man komt omdat er medicijntekorten ontstaan - apothekers te vragen zelf medicijnen te maken. Dat vind ik een geruststellend idee. Die expertise moeten we zeker niet kwijtraken.’

Verbeteren

Kunnen geneesmiddelenbedrijven iets verbeteren, met de lessen van de coronacrisis in het achterhoofd? ‘Ja, dat denk ik wel’, zegt Van den Berg. ‘Stop met het verplaatsen van medicijnproductie naar lage lonen landen. Draai dat waar mogelijk terug, vooral bij generieke medicijnen. Doe ook iets aan je reputatie, zou ik zeggen. Leg transparanter uit wat je doet, hoe je het doet en waarom. En tot slot, blijf kritisch kijken naar je prijzen. Niet alleen naar de specifieke prijs voor een medicijn, maar ook naar de methode van prijsvorming. Ik heb niets tegen een gezonde winstmarge voor bedrijven. Maar value added pricing, waarbij je de prijs vooral bepaalt op basis van de waarde van de besparingen die het oplevert, gaat er bij mij niet in.’

Hoop

Tegelijkertijd ziet Van den Berg ook de nodige positieve ontwikkelingen binnen de sector, juist tijdens de coronacrisis. ‘Bij vaccinontwikkeling zie ik veel mooie samenwerkingen, bijvoorbeeld tussen bedrijven en universiteiten. Ik signaleer ook dat diverse farmaceutische bedrijven, met het oog op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid en de hoge nood, nu al hebben gezegd dat ze hun vaccin straks tegen kostprijs gaan aanbieden. Dit is een bijzondere tijd, die vraagt om uitzonderlijke oplossingen. Dergelijke signalen geven hoop.’