fototno3d.JPGFoto: TNO

TNO en Erasmus MC: 3D-printing kinderdoseringen

TNO en het Erasmus MC willen op korte termijn starten met het testen van een 3D-print technologie waarmee kinderdoseringen op maat worden gemaakt. Voor het pilotproject zijn de partijen nog op zoek naar partners uit de geneesmiddelensector.

‘Kinderen krijgen vaak dezelfde medicijnen als volwassenen, maar dan in veel lagere doseringen’, vertelt Daniel van der Linden van TNO, Business Development Manager Food & Pharma Printing. ‘Maar daarbij loop je tegen een aantal uitdagingen aan. Hoe geef je een baby die een paar kilo weegt een medicijn dat eigenlijk bedoeld is voor een volwassen man van 70 kilo? En als het kind groeit, hoe pas je de dosering aan? Daarbij is het vaak lastig om bestaande geneesmiddelen nauwkeurig op te delen in kleinere doseringen. Meestal is dit complexer dan een tablet doorbreken. Hiermee worden niet alleen de apothekers in het ziekenhuis geconfronteerd, maar ook de ouders van kinderen die thuis de medicatie moeten opvolgen. Wij denken dat de 3D-print technologie hier een oplossing voor kan bieden.’

Exacte dosering
TNO is daarom een samenwerking aangegaan met apothekers en artsen van het Erasmus MC Sophia Kinderziekenhuis in Rotterdam.
‘TNO heeft ruim 25 jaar ervaring met het printen van verschillende materialen, voor onder andere de voedselindustrie. De uitdagingen die daarbij komen kijken, zijn vergelijkbaar met die voor de geneesmiddelensector’, zegt Van der Linden. ‘Het voordeel van 3D-printen is dat je heel precies de voorgeschreven dosering voor een kind kan bepalen. En in de verdere toekomst zijn we misschien ook in staat om meerdere medicijnen te combineren in één pil. Dat is een flinke impuls voor het verbeteren van de therapietrouw.’

Hartpatiëntjes
Van der Linden hoopt op korte termijn te starten met een kleinschalige pilot waarbij een kleine groep patiëntjes betrokken zijn. Het gaat om een cardiovasculair middel.
‘Op dit moment moet er voor een kinderdosering van dit middel worden uitgeweken naar de injectievloeistof die oraal gegeven wordt. Dit vanwege het ontbreken van een orale toedieningsvorm in een voldoende lage sterkte. De injectievloeistof moet nauwkeurig met een spuitje worden afgemeten door ouders. De kans op fouten is daarbij groot en de vloeistof heeft een heel vieze smaak. Alles bij elkaar een ongewenste situatie’, zegt Van der Linden. ‘In deze pilot willen we nader onderzoeken of 3D-printen een oplossing kan bieden voor op maat gemaakte doseringen en of deze technologische oplossing als platform kan dienen om meer patiëntengroepen verder te helpen.’

Partners gezocht
Bij de samenwerking zijn onderzoekers van TNO en artsen en apothekers van het Sophia Kinderziekenhuis betrokken. ‘Maar uiteraard is hierbij ook de farmaceutische kennis van de geneesmiddelenontwikkelaar onontbeerlijk’, geeft Van der Linden aan. ‘Daarbij is het een mooie kans om kennis op te doen en expertise op te bouwen over 3D-printen en bij te dragen aan maatwerkoplossingen voor  patiëntgroepen. Daarom nodigen wij partijen uit de industrie uit om zich aan te sluiten bij dit initiatief.’

Oproep
Er zijn nog veel vragen te beantwoorden, geeft Van der Linden aan. ‘Maar ik geloof dat we met de inbreng van verschillende partijen, ieder met zijn eigen expertise, een mogelijke oplossing kunnen bieden voor een urgent medisch vraagstuk voor vele groepen patiënten. We roepen dan ook bedrijven uit de farmacieketen op om zich bij ons aan te sluiten en deze ontwikkeling samen met ons aan te gaan.’

Meer informatie? Neem contact op via Daniel.vanderlinden@tno.nl

Artikel: Making customised medication with a 3d printer