Innovatiemodellen BASE_SMALL_06

Onderzoek CBG: voldoende vrouwelijke proefpersonen in medicijnonderzoek

In medicijnonderzoek worden voldoende vrouwelijke proefpersonen betrokken. Ook worden er voldoende analyses naar de effecten per geslacht uitgevoerd, zodat er een goede afweging kan worden gemaakt van het effect van een medicijn op mannen én vrouwen.

4 mei 2021

Dat blijkt uit recent onderzoek van medicijnautoriteit CBG naar de vertegenwoordiging van vrouwen in geneesmiddelenonderzoek. In een analyse van de registratiedossiers van 22 verschillende medicijnen goedgekeurd tussen 2011 en 2015, is de vertegenwoordiging van vrouwen binnen 9 ziektegebieden onderzocht. Het gaat om medicijnen tegen depressie, epilepsie, trombose, diabetes, schizofrenie, hepatitis C, hypercholesterolemie, HIV en hartfalen.

Sekseverschillen
‘Het is goed dat het CBG dit nader heeft onderzocht’, zegt Gerard Schouw, directeur Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (VIG). ‘Vaak bestaat de indruk dat medicijnen vooral op mannen worden getest. Dit onderzoek laat zien dat mannen en vrouwen voldoende zijn vertegenwoordigd binnen klinische studies en dat er aandacht is voor sekseverschillen bij medicijnonderzoek.’

Bijwerkingen
Er zijn verschillen tussen mannen en vrouwen die kunnen zorgen voor een (klein) verschil in werkzaamheid en veiligheid van medicijnen. Zo is bekend dat vrouwen iets vaker bijwerkingen ervaren. ‘Het is belangrijk dat we deze verschillen goed in het oog houden, niet alleen binnen medicijnonderzoek, maar ook bij de behandeling, en bijvoorbeeld het herkennen van symptomen’, geeft Schouw aan.
Het CBG geeft aan meer aandacht te besteden aan het onderwerp in publieke rapporten met het oog op de maatschappelijk behoefte hieraan.

Onderzoek CBG