Dat het veel sneller kan, bewijzen de ons omringende landen. In Duitsland bijvoorbeeld zijn nieuwe geneesmiddelen doorgaans binnen 30 dagen na registratie beschikbaar. De Patients WAIT Indicator laat zien hoe Nederland scoort ten opzichte van andere Europese landen, als het gaat om snelheid en beschikbaarheid van nieuwe geneesmiddelen. In het jongste onderzoek (voorjaar 2021) neemt Nederland een achtste positie in, als het gaat om het aantal beschikbare nieuwe geneesmiddelen.

Zorgwekkend is dat Nederland langzaam maar zeker afzakt op deze ranglijsten. Andere landen slagen er dus in om een nieuw medicijn aanzienlijk sneller bij de patiënt te krijgen dan Nederland.

Oorzaken

Een belangrijk knelpunt in Nederland is dat er vaak sprake is van slepende prijsonderhandelingen tussen de overheid en de betreffende farmaceut. Dat proces bestaat uit tientallen stappen, waarvoor geen strakke tijdlijnen zijn. Het kan in principe eindeloos duren, en soms gebeurt dat ook. Er zijn voorbeelden van nieuwe medicijnen die meer dan twee jaar in de zogeheten sluis ‘geparkeerd’ zijn voor prijsonderhandelingen. Al die tijd kan de patiënt er geen gebruik van maken.

Systeem samen aanpassen

De VIG gaat graag in 2021 en 2022 om de tafel met de belangrijkste spelers in dit proces. Dan gaat het vooral om: Zorginstituut Nederland, ministerie van VWS, verzekeraars, artsen en patiëntenorganisaties. Het doel van die gesprekken is om te komen tot een aangepast systeem voor vergoeding van nieuwe geneesmiddelen, met een strakke regisseur en heldere, korte tijdlijnen. Dat het mogelijk is om stevig over de prijs te onderhandelen en toch vlot te werken, bewijzen de landen om ons heen. Ons motto is daarom: haal de Nederlandse patiënt uit de wachtkamer!