De innovatieve geneesmiddelensector is een van de kennisintensieve domeinen waarop Nederland internationaal een sterke positie heeft. Nieuwe behandelingen ontstaan uit langdurig onderzoek, klinische ontwikkeling en samenwerking tussen universiteiten, bedrijven en zorginstellingen. Dat vraagt om gespecialiseerde onderzoekers, datawetenschappers, technici en zorgprofessionals.
Andere landen investeren actief in het aantrekken en behouden van dit talent. Wanneer Nederland onvoldoende voorspelbaar of samenhangend beleid voert, verschuiven investeringen en onderzoek naar landen met aantrekkelijker condities. Dat heeft directe gevolgen voor werkgelegenheid, innovatiecapaciteit en het vestigingsklimaat.
Voor patiënten betekent dit dat toegang tot nieuwe behandelingen minder vanzelfsprekend wordt. Voor de economie betekent het verlies aan hoogwaardige kennis en investeringen.
Het pleidooi wijst deze aandachtspunten aan voor het formuleren van de talentstrategie:
● Opleiden voor vaardigheden van de toekomst
Door in het primair en voortgezet onderwijs de benodigde kennis en vaardigheden aan te leren die onontbeerlijk zijn voor de tekortsectoren, wordt de basis voor het talent van de toekomst gelegd. Dit verkleint op termijn de noodzaak om talent van buiten aan te trekken. Ongeacht het vakgebied waarvoor jongeren worden opgeleid, dienen zij voldoende vaardigheden mee te krijgen op het gebied van digitalisering, AI, ondernemerschap en burgerschap. En na het initiële onderwijs blijft Leven Lang Ontwikkelen (LLO) essentieel, via bijscholing in de huidige functie of omscholing naar bijvoorbeeld een beroep in een tekortsector. LLO versterkt niet alleen de inzetbaarheid van mensen, maar ook de productiviteit en brede welvaart van ons land.
● Behoud het internationale karakter van het hoger onderwijs
Het internationale karakter van het Nederlands hoger onderwijs moet worden ondersteund om internationale studenten en wetenschappelijk (top)talent aan te trekken en te behouden. Internationale studenten dragen bij aan onze groei en productiviteit – zij voegen miljarden aan waarde toe aan onze economie. Daarbij dragen ook talenten met een niet-technische opleiding significant bij aan maatschappelijk en technologische vraagstukken, en stromen ook zij in tekortsectoren in. Geef universiteiten daarom meer autonomie en regie over de instroom van studenten, zodat zij gericht en verantwoord internationaal talent kunnen werven.
● Zorg voor de juiste randvoorwaarden
Talentbeleid gericht op het aantrekken van internationaal talent vraagt om de juiste randvoorwaarden, niet om sturing vanuit de overheid. Door de snelheid van opkomende technologie zoals AI en de sectoroverstijgende aard van innovatie, dient de overheid zeer terughoudend te zijn bij het voorschrijven welk type talent naar Nederland mag komen. Concurrerend blijven in de wereld vereist wendbaarheid van bedrijven en daarmee snel het juiste talent kunnen aantrekken. Onvoorspelbare en eenzijdige politieke sturing op specifieke tekortsectoren is daarin een remmende factor en heeft als gevolg dat het bedrijfsleven plotseling de toegang tot cruciaal internationaal talent verliest. Dat beperkt ook de groeimogelijkheden van Nederlandse start- en scale-ups in vergelijking met het buitenland, met negatieve gevolgen voor investeringen en het ondernemingsklimaat. Beperk de rol van de overheid tot het stellen van kaders middels generieke regelingen en (salaris)criteria, en geef het bedrijfsleven ruim baan het talent aan te trekken dat zij nodig hebben. Zo voorkomen we dat beleid van vandaag het talent van morgen belemmert.
● Versterk concurrerende regelingen
Versterk de regelingen die Nederland aantrekkelijk en concurrerend houden ten opzichte van landen om ons heen. Herstel de expatregeling naar een 30%-regeling; deze is bewezen doelmatig en doeltreffend en een belangrijke factor voor ons vestigingsklimaat. Behoud daarnaast de kennismigrantenregeling en voer de pilotregeling essentieel startup personeel in als definitieve regeling. Ook het verder versimpelen en versnellen van visumaanvragen voor het talent dat Nederland nodig heeft, is belangrijk: complexe lange procedures schrikken talent af. Talent dat lang moet wachten op toelating en werkvergunningen is niet productief. Werk daarom aan korte en eenvoudige procedures voor snelle en effectieve instroom.
● Stimuleer langdurige vestiging
Stimuleer talent om zich langdurig in Nederland te vestigen, zodat kennis en ervaring niet verloren gaan aan het buitenland. Behoud het verlaagde salariscriterium van de kennismigrantenregeling. Dit biedt jong talent de mogelijkheid om naar Nederland te komen, en vervolgens ook van baan te wisselen en door te stromen naar andere bedrijven en organisaties in Nederland. Zo blijft hun kennis en ervaring beschikbaar voor het Nederlandse ecosysteem, waaronder start- en scale-ups.
● Behoud zoekjaar en salariscriterium
Door behoud van zowel het zoekjaar als het verlaagde salariscriterium van de kennismigrantenregeling kunnen we ook recent afgestudeerd talent aan Nederland binden. Talent dat hier blijft, in plaats van naar het buitenland vertrekt, wordt daarmee behouden voor het Nederlandse ecosysteem.
In kennisintensieve sectoren komen economische groei, maatschappelijke vooruitgang en strategische autonomie samen. De keuzes die nu worden gemaakt op het gebied van onderwijs, innovatie, migratie en vestigingsklimaat bepalen of Nederland zijn positie versterkt of terrein verliest.
De VIG onderschrijft daarom de oproep om talentbeleid integraal en met een lange termijnhorizon vorm te geven. Dat vraagt om samenhang tussen departementen en consistentie in uitvoering.
De innovatieve geneesmiddelensector wil hierin partner zijn: als werkgever, investeerder in onderzoek en samenwerkingspartner van kennisinstellingen en overheid.
Investeren in talent is investeren in de concurrentiekracht, strategische autonomie en toekomstbestendigheid van Nederland.