Nederland is prijsreferentieland voor twaalf landen. Onze lijstprijs telt via het Amerikaanse MFN-beleid vanaf januari 2027 ook mee in de VS. De prijsdynamiek in Nederland beïnvloedt daardoor waar en wanneer bedrijven een nieuw geneesmiddel introduceren. De VIG deelt met VWS het doel om geneesmiddelen betaalbaar en beschikbaar te houden. Daarom roept de VIG op om bij de herziening van de Wgp rekening te houden met de internationale doorwerking van Nederlandse prijzen, ook in de VS, en die samenhang en internationale afhankelijkheid vooraf te toetsen.
De Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen vindt dat herbeoordeling van geneesmiddelen een zorgvuldig instrument moet zijn voor betere toegang voor patiënten en passende zorg te maken. Als deze processtap louter een extra toegangsdrempel wordt, gaan kansen verloren en wordt het Nederlandse toegangs- en innovatielandschap eens te meer complexer en onaantrekkelijker.
De netto uitgaven aan geneesmiddelen vormden in 2024 4,2% van de totale zorguitgaven. In 2020 lag dat 0,8 procentpunt hoger: 5,0%. Medicijnen en vaccins zijn dus geen groot onderdeel van het financiële probleem in de zorg, maar ze kunnen wél veel bijdragen aan de oplossing, bijvoorbeeld doordat zij arbeidsinzet van zorgpersoneel uitsparen.
Het is belangrijk dat medicijnen tijdig worden toegelaten, om vervolgens aan de hand van Real World Data te toetsen of de doelgroep of dosering nog moet worden bijgesteld. Als artsen daar een medische aanleiding voor zien, kan een grootschalige doelmatigheidsstudie worden opgezet. Geneesmiddelenbedrijven ondersteunen dergelijke studies, mits ze een medische insteek hebben.
Dat we ziekten zo veel beter kunnen bestrijden dan bijvoorbeeld twintig of vijftig jaar geleden, is voor een belangrijk deel te danken aan geneesmiddelenbedrijven. Om dit te kunnen blijven doen, moeten zij hun prijzen zó stellen dat zij voldoende winst maken. Alleen dán kunnen zij ook de medicijnen van morgen ontwikkelen, tegen ziektes waarop we nu nog geen antwoord hebben. Dit wordt ook wel het innovatiemodel genoemd.
In Nederland is een moeilijke situatie ontstaan, als het gaat om toegang tot nieuwe medicijnen. De prijsonderhandelingen tussen geneesmiddelenbedrijven en de overheid duren steeds langer. De innovatieve geneesmiddelensector onderzoekt graag samen met de overheid, verzekeraars, artsen en patiënten hoe we de situatie voor Nederlandse patiënten kunnen verbeteren en versnellen.
We willen allemaal graag weten wat we voor een product betalen en in kunnen schatten of dat een redelijke prijs is, ook voor de zorg die we met z’n allen betalen. Het is daarom begrijpelijk dat mensen inzicht willen in prijsopbouw van geneesmiddelen én in de winsten van bedrijven die deze medicijnen ontwikkelen. Dergelijke gegevens zijn meestal op bedrijfsniveau openbaar, maar volledig inzicht bieden in de prijsopbouw per geneesmiddel is niet zomaar mogelijk.