In een tijd van geopolitieke onzekerheid, stevige internationale concurrentie en druk op de overheidsfinanciën zijn scherpe keuzes onvermijdelijk. Behalve een optelsom van bezuinigingen en inkomsten, is de begroting ook een routekaart voor waar we met Nederland naartoe willen. Onmisbaar in de koersstrategie is de keuze: behandelen we medische innovatie als kostenpost of als een strategische investering in gezondheid, economie en weerbaarheid?
Wie economische groei, gezondheid en strategische weerbaarheid wil versterken, kan niet om medische innovatie heen. De begroting van 2027 is het moment om die keuze expliciet te maken.
De wereld om ons heen is in rap tempo aan het veranderen. De Verenigde Staten investeren op ongekende schaal in de biofarmaceutische sector en trekken veel private investeringen aan. China bouwt zijn positie in biotechnologie en geneesmiddelenontwikkeling snel uit. Ook in Europa groeit het besef dat gezondheid, technologie en innovatie niet alleen belangrijk zijn voor patiënten, maar ook voor onze economische kracht, onze productiviteit en onze onafhankelijkheid.
Nederland heeft veel om trots op te zijn. We hebben sterke universiteiten, toonaangevende kennisinstellingen, een aantrekkelijk vestigingsklimaat, clusters waar het bedrijfsleven en de wetenschap samenwerken , hoogwaardige productiecapaciteit en een unieke concentratie van wetenschappelijke kennis. Het rapport-Wennink noemt Life Sciences & Health niet voor niets een van de belangrijkste groeisectoren voor het toekomstige verdienvermogen van Nederland.
Ondanks deze sterke uitgangspositie, zie ik signalen die ons zorgen moeten baren. De internationale concurrentiestrijd om investeringen neemt toe. Onderzoek, productie en kapitaal gaan steeds vaker naar landen die innovatie actief stimuleren en die nieuwe medische technologie sneller beschikbaar maken voor patiënten. Ook Nederlandse patiënten ervaren nog te vaak dat nieuwe behandelingen hier later beschikbaar zijn dan in veel andere Europese landen. Patiënten wachten (soms tevergeefs) maandenlang op geneesmiddelen die elders al worden voorgeschreven. En bovendien zet het onze positie als innovatieland onder druk. Daarom is Prinsjesdag hét moment om een duidelijke keuze te maken:
Kiezen voor innovatie betekent kiezen voor patiënten, het zorgstelsel en de economie. Achter ieder nieuw geneesmiddel gaat hoop van patiënten en naasten schuil, om langer gezond te blijven, sneller terug te keren naar werk en meer regie over hun leven te houden. Innovatieve geneesmiddelen kunnen ziekenhuisopnames verminderen en een zorgsysteem ondersteunen dat steeds meer onder druk staat door vergrijzing en personeelstekorten.
Daar komt bij dat de biofarmaceutische sector één van de meest kennisintensieve sectoren van onze economie is. Het gaat om hoogwaardige banen, onderzoek, productie en export. Investeren in deze sector is dus investeren in een beter leven, in toekomstbestendige zorg en in een sterker verdienvermogen van Nederland.
Er is consistent beleid nodig om die waarde te verzilveren. Zeggen dat innovatie belangrijk is, brengt de verplichting met zich mee om drempels te verlagen voor investeringen en voor toegang tot nieuwe behandelingen. Bedrijven, onderzoekers en patiënten hebben behoefte aan duidelijkheid, vertrouwen en een overheid die de handrem van innovatie afhaalt en aanmoedigt om te accelereren.
Daarom roep ik het kabinet op om gezondheid, innovatie en economische kracht, tijdens Prinsjesdag en de begrotingsbehandeling die volgt, nadrukkelijk in samenhang te behandelen. Betaalbare zorg blijft belangrijk, daar zijn wij het over eens. Maar durf verder te kijken dan de kosten en zie de bredere opbrengsten van innovatie voor patiënten, voor onze economie en voor de generaties na ons.
Bouw aan een langetermijnvisie waarin medische innovatie een vaste plek krijgt in de aanpak van de grote uitdagingen van deze tijd. Denk aan vergrijzing, arbeidsmarktkrapte, economische groei en strategische onafhankelijkheid. Kiest Nederland ervoor zich links en rechts in te laten halen door andere landen? Of gaan we voor de koppositie in de mondiale race om innovatie? Ik hoop van harte dat we op Prinsjesdag zien dat Nederland kiest voor de pole position (zeker nu Max die de laatste tijd wat minder vaak behaalt :-)).