Het interview met Kramer vond plaats naar aanleiding van een bericht in de Financial Times. Dat artikel beschrijft dat Trump aandringt op lagere geneesmiddelenprijzen in de VS en meer productie op Amerikaans grondgebied. Inmiddels hebben diverse geneesmiddelenbedrijven investeringen verplaatst van Europa naar VS en China. Nathalie Moll, directeur van koepelorganisatie EFPIA licht toe dat dit onder meer te wijten is aan hoge kortingen op medicijnprijzen en hoge R&D-kosten in Europa.
Volgens Kramer is de basis in Nederland goed: sterke kennisinstituten en een uitstekende digitale infrastructuur. Het knelpunt zit bij de toegankelijkheid van nieuwe behandelingen. ‘Het duurt steeds langer voordat innovatieve geneesmiddelen beschikbaar komen voor Nederlandse patiënten, of ze komen helemaal niet beschikbaar.’ Dat remt niet alleen toegang tot nieuwe therapieën, maar ondermijnt ook de bereidheid om in ons land te investeren in verdere ontwikkeling.
Tegelijkertijd wijst Kramer erop dat het debat over betaalbaarheid vaak verkeerd wordt gevoerd. De grootste kostenoverschrijdingen in de zorg ontstaan niet bij geneesmiddelen, zoals vaak ten onrechte wordt gesteld, maar in de Wet langdurige zorg. ‘De cap op geneesmiddelen is al bereikt. Bovendien bungelt Nederland onderaan in Europa qua uitgaven aan medicijnen.’
Om innovatie en toegankelijkheid te stimuleren, pleit Kramer voor andere afspraken, zoals pay for performance. ‘Als een middel doet wat het belooft, betaal je de prijs. Anders kom je tot andere prijsafspraken. Dat is nu niet hoe het in Nederland is ingericht.’