Jaarlijks worden in Nederland grote hoeveelheden ongebruikte medicijnen teruggebracht naar de apotheek. Het gaat bijvoorbeeld om medicijnen die een patiënt niet heeft ingenomen na een veranderde behandeling, of na overlijden van een patiënt. Vrijwel al deze geneesmiddelen worden vernietigd, ook als ze nog volledig intact zijn.
Heruitgifte betekent dat zulke teruggebrachte medicijnen, na een zorgvuldige beoordeling, opnieuw worden verstrekt aan een andere patiënt. Dit kan verspilling tegengaan en de beschikbaarheid van geneesmiddelen vergroten, met name bij tekorten.
De deelnemers aan de ronde tafel baseerden zich onder meer op de ROAD-studies (Return Of A Drug). Dat is Nederlands wetenschappelijk onderzoek naar de haalbaarheid en veiligheid van heruitgifte.
Uit die studies blijkt dat teruggebrachte geneesmiddelen in veel gevallen nog voldoen aan kwaliteitseisen, mits de opslag en teruglevering onder de juiste omstandigheden zijn verlopen.
Alle aanwezige partijen onderschreven het principe van heruitgifte. Maar zij waarschuwen dat het vertrouwen van patiënten in opnieuw uitgegeven medicijnen staat of valt met twee zaken.
Tot slot lijkt ook de ronde tafel erop te wijzen dat er een verschuiving in de discussie over heruitgifte plaatsvindt. Lange tijd draaide het debat om de vraag óf heruitgifte überhaupt mogelijk was. Die vraag lijkt nu beantwoord. De aandacht gaat nu uit naar de vraag hóé het veilig en werkbaar kan worden ingevoerd en welke regelgeving daarvoor nodig is.