Tijdens de Werkconferentie Vrouwengezondheid van ZonMw ondertekende algemeen directeur Carla Vos namens de VIG de pledge, in aanwezigheid van staatssecretaris Judith Tielen (VWS). De bijeenkomst bracht een breed palet aan partijen samen die zich inzetten voor een toekomst waarin vrouwen en meisjes in Nederland gezonder kunnen leven. ‘Het was indrukwekkend om te zien hoeveel energie er in de zaal was om dit onderwerp nu écht gezamenlijk verder te brengen’, aldus Vos.
Volgens Vos vloeit de pledge logisch voort uit betrokkenheid die er al langer is. ‘We zien dagelijks dat het vrouwenlichaam anders werkt dan het mannenlichaam. En toch is die kennis in zorg en onderzoek nog niet vanzelfsprekend. Klachten worden soms anders en later herkend, onderzoeksvragen sluiten niet altijd aan en innovaties bereiken vrouwen soms later. Met deze pledge spreken we uit dat dit anders moet en dat we daar samen de schouders onder zetten.’
Dat is hard nodig. Want hoewel vrouwen gemiddeld langer leven, brengen zij meer jaren door in minder goede gezondheid. ‘Als we de gezondheidsambities voor 2040 willen waarmaken, namelijk langer gezond leven en kleinere verschillen tussen groepen, dan kunnen we simpelweg niet om vrouwengezondheid heen’, vindt Vos. ‘Het begint ermee dat vrouwen worden gezien, gehoord en serieus genomen in hun klachten en hoe hun lichaam werkt.’
De VIG ontwikkelt zelf geen geneesmiddelen en staat niet aan het bed. ‘Maar we staan wel midden in het innovatiesysteem’, benadrukt Vos. ‘We spreken met bedrijven die geneesmiddelen ontwikkelen, met onderzoekers, beleidsmakers en toezichthouders. Die positie brengt verantwoordelijkheid met zich mee. Wij kunnen dit onderwerp steeds opnieuw agenderen en anderen meenemen in het belang ervan.’
De VIG werkt al langer samen met partners zoals de Dutch CardioVascular Alliance (DCVA), het Nationaal Kanker Collectief en WOMEN Inc. Met name in ziektegebieden als hart‑ en vaatziekten, kanker en de ziekte van Alzheimer zijn de verschillen tussen vrouwen en mannen groot en nog onvoldoende meegenomen in beleid en praktijk.
Tijdens de werkconferentie werd ook nadrukkelijk stilgestaan bij het bredere perspectief op vrouwengezondheid. Vos is blij met het voorzitterschap van Jet Bussemaker van het ZonMw-kennisprogramma Vrouwspecifieke Gezondheid. ‘Zij benadrukt terecht dat het niet alleen gaat om lichamelijke gezondheid’, zegt Vos. ‘Mentale en sociale factoren spelen een grote rol. Denk aan stress, schulden, trauma of onveiligheid. Dat heeft directe impact op gezondheid.’
Volgens Vos vraagt dit om blijvende aandacht en vasthoudend leiderschap. ‘Bewustwording ontstaat niet vanzelf en verdwijnt ook snel als je niet oplet. Het vraagt dat we dit onderwerp blijven benoemen, ook als het schuurt. Dat zie ik niet alleen als een gezamenlijke opdracht, maar ook als een persoonlijke missie.’
Voor Vos staat de ondertekening van de pledge symbool voor gedeelde ambitie. ‘Betere vrouwengezondheid vraagt om samenwerking over grenzen heen’, zegt zij. ‘Alleen samen kunnen we bereiken dat verschillen eerder worden herkend, onderzoek inclusiever wordt en innovaties vrouwen sneller en beter bereiken. Andere partijen kunnen erop rekenen dat wij dit onderwerp blijven agenderen en ons blijvend inzetten om samen stappen vooruit te zetten.’
De werkconferentie Vrouwengezondheid vormt een belangrijke stap in de verdere uitwerking van de Nationale Strategie Vrouwengezondheid 2025-2030 en het concretiseren van een Nationale Werkagenda Vrouwengezondheid voor de komende jaren. De strategie benadrukt dat vrouwengezondheid een belangrijk thema is dat verder reikt dan de gezondheidszorg alleen. Het gaat om lichamelijke, mentale én sociale gezondheid, waarbij oog is voor de gezondheid en welzijn van vrouwen in alle levensfasen. De Nationale Werkagenda Vrouwengezondheid moet deze visie vertalen naar duidelijke ambities en concrete acties die bijdragen aan een gezonde toekomst van vrouwen in Nederland.