16-06-2026

Tweede Kamer kritisch op trage toegang tot innovatieve geneesmiddelen 

Terugblik op het debat over het zorgverzekeringsstelsel van 10 juni

Scroll om meer te ontdekken
Patiënten in Nederland moeten gemiddeld 655 dagen wachten op nieuwe geneesmiddelen die in ‘de sluis’ worden geplaatst. Uit een analyse van de VIG over de sluis, die de voorpagina van het Algemeen Dagblad haalde, blijkt bovendien dat 48 van de 51 onderzochte geneesmiddelen in Duitsland wél beschikbaar zijn en in Nederland niet. De Tweede Kamer sprak zich vorige week, tijdens een levendig debat over het zorgverzekeringsstelsel, kritisch uit over de teruglopende toegang en oplopende wachttijd van nieuwe geneesmiddelen.

 

Roep om een bredere afweging van waarde, toegang en snelheid

CDA-Kamerlid Harmen Krul trok daarbij een illustratieve vergelijking. ‘Dit doet me denken aan het preferentiebeleid en vraagt om een reflectie van de minister.’ Het preferentiebeleid is al jaren onderwerp van debat in de Tweede Kamer, omdat patiënten aan de apotheekbalie geregeld misgrijpen vanwege lage betalingsbereidheid met leveringsproblemen tot gevolg.

Ook René Claassen van Groep Markuszower uitte scherpe kritiek. Volgens hem zet het kabinet zich enerzijds in voor innovatie, maar laat het anderzijds patiënten in de kou staan. ‘Achter kosteneffectiviteitsberekeningen zit altijd een mens.’ Hij pleit voor een ethisch kader naast de QALY-normen. Want, ‘toegang ís beleid.’ Minister Hermans heeft toegezegd nog voor het zomerreces een brief naar de Tweede Kamer te sturen, waarin beleidsinformatie over financiële arrangementen wordt gecombineerd een kijk op zo’n ethisch kader.

D66-zorgwoordvoerder Marc Vervuurt vroeg zich hardop af of de balans tussen betaalbaarheid en beschikbaarheid niet te veel is doorgeslagen. ‘De discrepantie met buurlanden is niet uit te leggen.’ Zijn oplossing ligt in Europese harmonisatie. Vervuurt en Claassen vinden elkaar in hun oproep om breder te kijken naar de waarde van geneesmiddelen. ‘We moeten ervoor waken dat QALY niet dé maatstaf wordt. Er moet ook ruimte zijn voor een breder maatschappelijk perspectief.’ Daarmee klonk in de Kamer ook de bredere vraag door hoe Nederland innovatie waardeert en vertaalt naar tijdige toegang voor patiënten.

Volgens PVV-Kamerlid Vicky Maeijer ligt de oplossing voor toekomstbestendig pakketbeheer van geneesmiddelen in het Toekomstbestendig Stelsel Geneesmiddelen. Haar concrete vraag aan de minister was of er binnen dat stelsel ruimte is om te versnellen, bijvoorbeeld via een overbruggingsregeling. Minister Hermans wees dat af. ‘Nee, ik kijk niet naar een overbruggingsregeling, want dan leggen we de risico’s bij de premiebetaler.’ Het motto van het stelsel, zo vatte zij samen, is: ‘Snel als het kan, zorgvuldig als het moet.’ Juist op dat punt blijft de vraag actueel hoe ‘snel’ zich in de praktijk verhoudt tot de wachttijden waarmee patiënten nu te maken hebben. De huidige geopolitiek maakt deze vraag extra actueel en urgent.

Van papieren toegang naar toegang in de praktijk

Het uitblijven van een dossieraanvraag voor het geneesmiddel Voxzogo kwam opnieuw ruimschoots aan bod. Zowel het Harmen Krul als René Claassen probeerden via dit debat weer beweging in het dossier te krijgen. Waar Krul vroeg naar mogelijkheden om een dossier te ontvangen, stelde Claassen een wettelijke maximumtermijn voor onderhandelingen voor om het stelsel aantrekkelijker te maken. Ook SP-Kamerlid Sarah Dobbe vroeg zich hardop af waar de vergoeding voor Voxzogo blijft. Daarmee werd opnieuw zichtbaar hoe lang onzekerheid over vergoeding doorwerkt in de praktijk van patiënten en behandelaren. 

Corrie van Brenk van 50PLUS vroeg de minister daarnaast naar de vergoeding van het gordelroosvaccin. Haar boodschap was helder: ‘De kost gaat voor de baat uit.’ Ook daar ligt dezelfde onderliggende vraag: hoe zorg je dat investeringen in preventie en innovatie tijdig landen bij de mensen om wie het gaat?

Geneesmiddelenbeleid raakt aan bredere keuzes in de zorg

Het debat ging niet alleen over geneesmiddelen, al namen die wel een prominente plaats in. Ook de kabinetsplannen voor ingrepen in zorg en sociale zekerheid kwamen uitgebreid aan bod. Voor oppositiepartijen Pro, DENK en SP was dat aanleiding om minister Hermans stevig te bevragen. Niet alleen de minister kreeg het daarbij te verduren, ook coalitiepartijen D66 en vooral het CDA lagen onder vuur in de eerste termijn. Het CDA herhaalde daarbij meerdere keren: ‘De kracht van ons zorgstelsel zit in solidariteit, maar dat vraagt ook om verantwoordelijkheid op de lange termijn.’ Daarmee werd duidelijk dat het debat over geneesmiddelen niet op zichzelf staat, maar raakt aan bredere keuzes over solidariteit, betaalbaarheid, toegankelijkheid en de ruimte voor innovatie in het zorgstelsel.

FvD-Kamerlid Pepijn van Houwelingen richtte zich vooral op het afschaffen van de niet-gecontracteerde zorg. Hij vroeg hoe het kabinet in dat geval ‘klassezorg’ wil voorkomen en in welke mate deze maatregel bijdraagt aan passende zorg. Voor de lange termijn moet onder meer de aangekondigde Staatscommissie Zorg richting geven. Passende Zorg wordt meegenomen in de opdracht aan die commissie en minister Hermans zei open te staan voor suggesties van Tweede Kamerleden voor geschikte personen. 

Vervolg

Op verzoek van Corrie van Brenk volgt nu een tweeminutendebat, waarin de Tweede Kamer de gelegenheid krijgt om moties in te dienen.