Image-1

Blog Aarnoud Overkamp: Groene chemie

Google is volop zelfrijdende auto’s aan het testen. En Uber wil in 2020 vliegende taxi’s inzetten. Dat zijn natuurlijk innovaties die tot de verbeelding spreken, maar ook de geneesmiddelensector werkt hard aan vernieuwing. Bijvoorbeeld bij groene chemie.

9 mei 2017

Om een kilogram van een werkzame stof voor een geneesmiddel te maken, is maar liefst honderd kilo aan grondstoffen nodig. Daar had ik eerlijk gezegd nooit bij stilgestaan, totdat ik onlangs een nieuwsbericht las van CHEM21. Dat is het project van het Europese Innovative Medicines Initiative, oftewel IMI, dat er op gericht is om de ontwikkeling van geneesmiddelen sneller, milieuvriendelijker en duurzamer te maken.

Eerder dit jaar werd bekend dat wetenschappers van CHEM21 erin zijn geslaagd om een nieuwe, efficiëntere manier te ontwikkelen voor het produceren van flucytosine, een geneesmiddel voor de behandelen van een schimmelinfectie. Nu is er nog maar één chemisch reactieproces nodig, in plaats van vier. Bovendien vereist de nieuwe methode aanzienlijk minder energie en grondstoffen. Verder produceert dit proces minder afval.

Dat zijn bemoedigende resultaten, waar de deelnemers van CHEM21 inspiratie uit kunnen putten. In CHEM21 werken zes farmaceutische bedrijven en tien academische centra samen. Vijf van die zes bedrijven zijn lid van de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, meld ik met gepaste trots: GlaxoSmithKline, Bayer, Janssen, Pfizer en Sanofi.

Op allerlei fronten werken onze leden aan verduurzaming, voor en achter de schermen. Dan gaat het bijvoorbeeld om het verduurzamen van geneesmiddelverpakkingen. Of om het waterconvenant, dat eind 2016 is ondertekend door tal van organisaties vanuit de overheid en het bedrijfsleven. Onze inzet is om onze maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen en, in nauwe samenwerking met onze ketenpartners, de hoeveelheid medicijnresten in het water substantieel te verminderen.

Je zou er niet meteen aan denken, maar ook incontinentieluiers van ouderen brengen veel medicijnresten in het milieu, via ontlasting en urine. Op dit moment bestaat 5 à 8 procent van ons restafval uit luiers. Steeds meer van die luiers zijn voor ouderen, vanwege de vergrijzing. Daarom las ik afgelopen week met interesse dat er een doorbraak is bij de recycling van luiers. Willem Elsinga heeft een luierrecyclemachine ontworpen, die eerst de medicijnresten verwijdert, door de luiers op hoge druk tot 250 graden Celsius te verhitten in een reactor.

Ik weet het: groene chemie is minder spectaculair dan bijvoorbeeld de zelfrijdende auto of de vliegende taxi. Maar de impact op het welzijn van huidige en toekomstige generaties is levensgroot. Daar mogen we best even bij stilstaan.

Aarnoud Overkamp,
vicevoorzitter Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen