IMG_5700_Overkamp_fotoPeterBoer

Blog Aarnoud Overkamp: Dat kan sneller

Onlangs sprak ik met Inspire2Live. Namens patiënten werken zij vanuit een heldere missie: kanker in 2021 onder controle krijgen. Nieuwe DNA-technieken bieden kansen om medicijnen sneller bij de patiënt te krijgen. Versnelling is op meer fronten mogelijk.

Whole genome sequencing. Dat is de vakterm voor het volledig uitlezen van het DNA-profiel van een mens. Tot nu toe wordt DNA-techniek vooral ingezet voor specifieke genen, bijvoorbeeld om te zien of een vrouw grote kans op borstkanker heeft. Maar het is ook al mogelijk om álle bekende erfelijke eigenschappen in kaart te brengen. Mede op basis van die informatie is dan vooraf in te schatten of een geneesmiddel bij een patiënt zal aanslaan. Zo is ook te bepalen of een medicijn bij hem of haar niet alleen werkt voor bijvoorbeeld longkanker, maar ook voor darmkanker. Dat laatste wordt nu volop onderzocht in de DRUP-studie. Dankzij nieuwe technieken ontstaan dus mogelijkheden om het juiste medicijn sneller bij de juiste patiënt te brengen.

Zo zijn er meer manieren om krachtige nieuwe medicijnen eerder te introduceren. CBG-voorzitter Ton de Boer noemde er vorige week een paar in het FD en Elsevier. Betere samenwerking tussen de Europese geneesmiddelenautoriteit EMA en geneesmiddelenbedrijven tijdens het klinisch onderzoek, bijvoorbeeld. En betere afstemming tussen het CBG en het Zorginstituut Nederland. Als vroeg duidelijk is welke data precies nodig zijn voor registratie en vergoeding, zijn vervelende verrassingen in de beoordelingsfase te voorkomen. De Boer zei ook dat het niet altijd nodig is om met controlegroepen te werken. Een interessant idee, want dat kan eveneens tijd besparen. Ook het wetsvoorstel van de Europese Commissie over Health Technology Assessments kan zorgen voor versnelling. Als de 27 EU-landen straks gezamenlijk vaststellen wat de kosten en baten van een nieuw medicijn zijn, is vergoeding per land waarschijnlijk sneller een feit.

Leden van de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen investeren wereldwijd miljarden in research naar kanker. Ontdekkingen lijken steeds sneller te gaan. Toch duurt het gemiddeld nog zo’n twaalf jaar voordat een ernstig zieke patiënt de beschikking heeft over deze innovaties. Dat is lang, zeker als je er met smart op zit te wachten. Daarom is in principe élk plan dat kan zorgen voor vlottere toegang de moeite waard om te bekijken, zo lang de kwaliteit en veiligheid voor de patiënt maar niet in het geding komen. We kennen al programma’s als Fast Track, PRIME en voorwaardelijke toelating van de FDA en EMA, om revolutionaire geneesmiddelen sneller of stapsgewijs te registreren en beschikbaar te stellen. Mogelijk kan die aanpak nog vaker worden ingezet. Organisaties als MyTomorrows en The Social Medwork zijn, op hun eigen manier, ook bezig met versnelde toegang van baanbrekende geneesmiddelen.

Laten we samen kijken waar de kansen liggen. Sommige versnellingstrajecten lopen al, maar vragen om meer schaalgrootte. Andere plannen staan nog in de kinderschoenen. Dit is bij uitstek een onderwerp waarbij we over de muren van de eigen organisaties heen moeten kijken. Er mag wel een tandje bij, wat de patiënt betreft. Wij gaan hier in elk geval serieus werk van maken, het komende jaar. Tijd om over te schakelen naar een hogere versnelling!

Aarnoud Overkamp,
vice-voorzitter Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen
 

Position paper EFPIA en EBE over Next Generation Sequencing